Het is het Jaar van het Paard, maar wij staan stil bij de uitvinding die paarden grotendeels overbodig maakte: de auto. In één generatie daalde het aantal paarden met maar liefst tachtig procent, en het werd destijds gezien als een zegen voor het milieu. Maar welke auto’s laten zich nu nog vergelijken met de edele viervoeters?
Wie het museum van Mercedes-Benz in Stuttgart weleens bezocht heeft, weet dat het Duitse merk zich er graag op laat voorstaan: voordat Carl Benz de auto uitvond, was reizen een bewerkelijke toestand, want je ging te paard. Bovendien werd de auto gezien als een zegen voor de leefomgeving, want eindelijk zou er een einde komen aan de schier eindeloze hoeveelheden paardenmest die de straten van de stad bevuilden. Rond 1900 liepen er in New York bijvoorbeeld meer dan honderdduizend paarden, twintig jaar later was daar maar een fractie van over. Rond 1890 konden nog maar weinig mensen zich voorstellen dat paarden ooit uit het straatbeeld zouden verdwijnen – slechts één generatie later was het al zo ver. Vergelijk het met twintig jaar geleden: toen had vrijwel niemand een smartphone, terwijl nu de halve mensheid van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat naar een schermpje tuurt. De uitvinding van de auto, kortom, was niets minder dan een revolutie. “In de hele wereld kennen uitvinders een eurekamoment, maar in Duitsland doen we de dingen anders”, vertelt Marcus Breitschwerdt, Head of Heritage bij Mercedes-Benz. “Als rechtgeaarde Duitser roep je geen eureka, maar spoed je je naar het patentbureau om een patentaanvraag in te dienen. Carl Benz deed dat voor zijn uitvinding, de auto, op 29 januari 1886. Daarom vieren we op die dag de verjaardag van de auto.” Dit jaar liet Mercedes daar geen gras over groeien, want op 29 januari presenteerde het merk de ingrijpend vernieuwde S-Klasse. Meer dan de helft van de onderdelen is nieuw ontwikkeld of doorontwikkeld. Het gaat hierbij om zo’n 2.700 onderdelen. Om de 140e verjaardag van de auto te vieren, heeft het merk drie nieuwe S-Klasses op wereldtournee gestuurd: ze bezoeken 140 plaatsen. Wij stapten in Brussel in om een stukje mee te rijden, als een van de allereersten ter wereld. Niet achter het stuur, maar rechts achterin – de power seat.
Verwarmde gordels
De Belgische wegen zijn berucht om de slechte staat waarin ze verkeren, maar de S-Klasse strijkt de boel helemaal glad. Als we langs het koninklijk paleis komen, voelen we bijna verwantschap: het Belgische koningshuis reed ook graag met de S-Klasse. Zo schafte de toenmalige koning Albert in 1994 een S 500 aan. De prestaties vielen hem wel wat tegen, dus hij liet binnen enkele weken de auto terugsturen naar Duitsland, om door AMG een andere motor te laten monteren. Dat zou hem met de nieuwe S niet overkomen: de donkerblauwe auto op de foto’s is een S 450 met een 381 pk sterke zescilinder, de witte auto is een S 580 met een 537 pk sterke V8. Beide varianten zijn er ook als (sterkere) hybride, maar voor deze wereldtournee koos Mercedes-Benz voor de varianten met benzinemotor. In de periode tot en met oktober zullen de auto’s in totaal ruim vijftigduizend kilometer afleggen, waarbij ze ook op plaatsen komen waar laadpalen niet zo alomtegenwoordig zijn als in Europa. In Nederland zullen die hybrides juist de bestverkochte varianten worden, want die zijn in ons land door hun lagere uitstoot tienduizenden euro’s voordeliger.
Welke variant van de S-Klasse je ook kiest, hij is altijd voorzien van uiterst comfortabele luchtvering. Optioneel kan hij worden voorzien van E-Active Body Control, een systeem dat het overhellen van de carrosserie tegengaat. Noemenswaardig is verder dat de koplampen vernieuwd zijn: het verlichtingsveld is met ongeveer veertig procent vergroot, claimt Mercedes. Wie graag de show steelt, kan de voor- en achterlichten bovendien een korte lichtshow laten uitvoeren als de auto wordt vergrendeld of ontgrendeld – je kunt nog kiezen uit meerdere varianten bovendien.
Belangrijker is dat de infotainmentsystemen ook compleet vernieuwd zijn. De basis hiervan is de nieuwe MB.OS-supercomputer, die alle systemen in de auto verbindt tot één intelligent ecosysteem – een sprong vooruit vanaf de wirwar aan kleinere en grotere digitale systemen die de afgelopen decennia langzaam uitgroeide tot de norm. Een primeur in de S-Klasse is dat er verwarmde veiligheidsgordels gemonteerd kunnen worden. Volgens Mercedes verbetert dat de veiligheid, omdat je eerder je jas uit kunt trekken. Daardoor sluiten de gordels beter aan, waardoor ze je bij een aanrijding beter beschermen. “Een klein detail met een groot effect”, aldus Mercedes. Het duurt nog even voor de nieuwe S-Klasse bij de dealer staat, maar online is hij al te configureren. Standaard is er keuze uit elf kleuren, maar er is ook een oplossing voor wie dat te beperkt vindt: MANUFAKTUR Made to Measure maakt een unieke S-Klasse mogelijk, met keus uit meer dan 150 lakkleuren en meer dan 400 interieurkleuren.
”Oprichter Ettore Bugatti was een groot paardenliefhebber. Niet voor niets heeft de grille van een Bugatti tot op de dag van vandaag de vorm van een hoefijzer”
Primeur in Heteren
Die uitgebreide mogelijkheden om een auto te individualiseren winnen de laatste tijd terrein. Zo opende Range Rover een tijdje terug een Bespoke Studio in Antwerpen. Ook Porsche opende er een aparte showroom voor: de eerste showroom van Porsche Exclusive Manufaktur ter wereld staat in het Gelderse Heteren. Net als Mercedes-Benz is Porsche gevestigd in Stuttgart. De naam van die stad komt voort uit het woord stoeterij: de stad werd ooit gesticht als een plek om paarden te fokken. Het wapen van de stad is dan ook een steigerend paard, hetzelfde paard dat in het logo van Porsche te vinden is. Naar verluidt is dit óók het paard dat op de neus van een Ferrari te vinden is. Het verhaal gaat, hoewel nooit bevestigd, dat de jonge Enzo Ferrari diep onder de indruk was van de Italiaanse vliegenier Francesco Baracca. Hij haalde in de Eerste Wereldoorlog minstens 34 Duitse vliegtuigen naar beneden. Een van die vliegtuigen zou het wapen van Stuttgart hebben gedragen. Baracca, een paardenliefhebber, zou het wapen vervolgens op zijn eigen vliegtuig hebben aangebracht. Baracca overleefde de oorlog niet, maar na een ontmoeting met de moeder van de vliegenier zou Enzo Ferrari hetzelfde wapen als talisman op zijn auto’s aanbrengen. Dat deed hij voor het eerst in 1932, op het circuit van Spa. Ferrari had nog geen eigen automerk, hij racete met Alfa’s. Ook toen hij in 1947 zijn eigen merk begon, voorzag hij de auto’s van dat steigerende paard. Net als in het wapen van Stuttgart heeft het zwarte paard hier een gele achtergrond. Toch kan het ook toeval zijn: geel is ook de kleur van Enzo’s geboortestad Modena. Genoeg over paarden, terug naar de auto’s. Bij Porsche is het grootste nieuws dat het allemaal even tegenzit: jarenlang was het bedrijf een geldmachine, maar de afgelopen tijd kelderde de winst. Importheffingen in Amerika, sterke concurrentie in China en tegenvallende verkopen van elektrische modellen zorgen ervoor dat het rommelt bij het merk. Bij een voetbalclub zou je de trainer vervangen, Porsche deed dat met de topman. Sinds 1 januari is Michael Leiters de hoogste baas van het merk. Hij werkte eerder ook voor Porsche, maar vertrok daarna om CTO bij Ferrari te worden en daarna CEO bij McLaren. Van dat laatste merk is ook de nieuwe designbaas Tobius Sühlmann afkomstig.
Gelimiteerde slee
Lastige omstandigheden of niet, de auto’s zijn nog steeds fantastisch. Er is een kakelverse elektrische Cayenne, met maar liefst 1.156 pk. Die sprint in 2,5 seconden naar de 100 en in 7,4 seconden naar 200 kilometer per uur – dat laatste is aanzienlijk sneller dan een nieuwe 911 Turbo S. Maar hoe mooi of goed die elektrische Cayenne ook is, de Porsche waar je van droomde was de 911. In de herfst van 2025 liet Porsche de eerste foto’s zien van de nieuwe 911 Turbo S, de sterkste 911 die Porsche ooit maakte. Dit jaar kun je die auto bij de dealer bewonderen. Voor het eerst heeft de 911 Turbo S een hybride aandrijflijn. In rechte lijn is hij weliswaar niet zo snel als de eerdergenoemde elektrische Cayenne, maar voor ouderwets rijplezier moet je bij de 911 zijn. Op de legendarische Nürburgring is de vernieuwde 911 aanzienlijk sneller dan zijn voorganger: hij heeft daar volgens Porsche 7 minuten en 4 seconden nodig voor een rondje, maar liefst 14 seconden minder dan het vorige model! Nog mooier vinden we een andere 911, die in een zeer gelimiteerde oplage gebouwd wordt: de 911 GT3 90 F.A. Porsche. Een hele mond vol, maar het model wordt gebouwd om stil te staan bij de negentigste geboortedag van Ferdinand Alexander Porsche. ‘Butzi’ was de zoon van Ferry Porsche en kleinzoon van Ferdinand Porsche, maar vooral ook de ontwerper van de 911. Er is onder meer een speciale kleur voor de auto ontwikkeld, die de toepasselijke naam F.A. Green Metallic kreeg. In het interieur is stof te vinden die geïnspireerd is op Butzi’s favoriete tweedjasjes. Ook de wielen en pookknop zijn speciaal voor deze editie. Bovendien komt de auto met een speciaal horloge, de Porsche Design Chronograph 1 – 911 GT3 90 F.A. Porsche, en een weekendtas van truffelbruin leer. Het blijft niet bij de auto, want Porsche maakt ter gelegenheid van deze negentigste geboortedag ook een slee. Dezelfde slee werd in de jaren zestig verkocht en het ontwerp is van F.A. Porsche. Ditmaal is de slee echter wel exclusiever dan destijds: de nieuwe editie is van koolstofvezel met een kern van kevlar. De kleur is hetzelfde als van de auto, het zitkussen is bekleed met dezelfde stof en de oplage blijft hier eveneens beperkt tot negentig exemplaren.


Apple-auto
Bij Ferrari lijkt het wel of het complete modellengamma vernieuwd wordt. De Roma is net opgevolgd door de Amalfi, terwijl de SF90 Stradale zojuist is vervangen door de 849 Testarossa. Van dat laatste model volgt in de herfst een open versie, die de toevoeging Spider krijgt. Ook de 12Cilindri is nog splinternieuw (en is er ook als Spider). Alleen de 296 is er al wat langer, maar die is er sinds kort als 296 Speciale – zoiets als de 911 GT3 maar dan van Italiaanse bodem en duurder. De 296 Speciale kost je namelijk zo’n 425.000 euro, terwijl de open versie er vanaf ongeveer 480.000 euro is. Hét nieuws van Ferrari is echter dat het merk dit jaar met een elektrisch model komt, dat de naam Luce krijgt. Hoe die eruit gaat zien wil Ferrari pas in mei prijsgeven, maar van het interieur zijn al wel foto’s vrijgegeven. Ferrari sloeg niet alleen voor de techniek een nieuwe weg in, maar ook voor de vormgeving: het werkte ditmaal niet samen met een legendarisch designbureau als Pininfarina, maar met het Amerikaanse LoveFrom – een creatief collectief uit San Francisco, waarvan voormalig Apple-designer Jony Ive een van de oprichters is. Als je benieuwd bent hoe een Apple-auto eruit had kunnen zien, kijk dan vooral naar het (prachtige) dashboard van de nieuwe Ferrari Luce. Ook opmerkelijk: de auto krijgt een sleutel van een speciaal soort glas, Corning Fusion5 Glass, en is voorzien van een E Ink-display, waardoor de kleur van de sleutel van geel naar zwart verandert als hij in de houder op de middenconsole wordt gestoken. De shifter is overigens van hetzelfde glas gemaakt.
Altijd als eerste op de hoogte
Wil je dit soort verhalen voortaan gewoon in je inbox ontvangen? Schrijf je in voor de MASTERS NEWS en ontvang wekelijks de beste artikelen, met de laatste updates van MASTERS EXPO en de premium wereld daaromheen. Inschrijven.
Lievelingspaard
Het Bugatti van nu heeft weinig meer te maken met het Bugatti van vroeger. Volkswagen kocht in 1998 de naam en startte daarmee een nieuw merk. Het oorspronkelijke merk bestond van 1909 tot 1963. In dat jaar kocht Hispano-Suiza de boel op om er een productiefaciliteit voor onderdelen van vliegtuigmotoren van te maken. Niettemin: oprichter Ettore Bugatti was een groot paardenliefhebber. Hij bezat een stalhouderij in Molsheim en had daar ook een grote collectie koetsen. Hij reed enkel, span en team, en niet voor niets heeft de grille van een Bugatti tot op de dag van vandaag de vorm van een hoefijzer. Zijn favoriete paard heette Brouillard, een volbloed met een ‘vacht zo wit als de eerste sneeuwval, doorspekt met de subtiele tinten van een zomerochtendmist’. Bugatti had voor zijn favoriete paard zelfs een mechanisme ontworpen waarmee hij zelf zijn staldeur kon openen. Vorig jaar toonde het huidige Bugatti een one-off met de naam Brouillard – opvallend genoeg niet wit, maar groen. De auto is gebouwd in opdracht van een Nederlander, de Bugatti-verzamelaar Michel Perridon. De auto die vorig jaar onder meer op MASTERS EXPO getoond werd, is echter een showcar. De uiteindelijke auto moet dit jaar of volgend jaar gereed zijn. Overigens maakt Bugatti vaker one-offs: onlangs toonde het de F.K.P. Hommage, een ode aan Ferdinand Piëch, die het merk eind jaren negentig nieuw leven inblies.

Wild horses
Wie aan de combinatie van auto’s en paarden denkt, denkt natuurlijk ook aan de Ford Mustang. Afgelopen jaar heeft het merk de Mustang GTD getoond, de sterkste Mustang ooit. Het is een direct afgeleide van de GT3-racewagen en volgens Ford-baas Jim Farley is dit dan ook ‘geen opgewaardeerde straatauto, maar een getemde racewagen’. Het is daardoor ook met afstand de duurste Ford die je kunt aanschaffen, want hij kost zo’n 480.000 euro. Daarvoor krijg je dan wel een carrosserie van koolstofvezel, magnesium wielen, een semi-actief veersysteem en een vermogen van 800 pk. Klinkt spectaculair, niet? Toch zouden wij ons geld (nog) liever uitgeven aan een wild horse van Nederlandse bodem, te weten de splinternieuwe Donkervoort P24 RS. Donkervoort heeft Audi’s vijfcilindermotor ingeruild voor een 600 pk sterke V6 die van Ford afkomstig is, maar door Donkervoort stevig is aangepast (met onder meer lichtgewicht turbo’s van de Nederlandse F1-leverancier Van der Lee). Het is de enige auto met zoveel vermogen die minder dan duizend kilogram weegt. Ruim minder zelfs, want de weegschaal stopt al bij 780. Daarbij kan hij zijdelingse krachten aan tot 2,3G – méér dan iedere andere auto op de markt. Het wildste paard van stal komt uit Lelystad. Wie had dat gedacht?


