Als een wit baken schittert het Eye Filmmuseum je tegemoet vanaf de overkant van het IJ, recht tegenover Amsterdam Centraal. Moeilijk te missen. Dit is hét nationale filmmuseum van Nederland. Museumdirecteur Suzanne Swarts bezoekt de wereld der film, waar beeld bepalend is en stijl de hoofdrol speelt.
In het Eye Filmuseum kun je niet niet alleen films bekijken, maar ook indrukwekkende tentoonstellingen bewonderen. En vanuit het café-restaurant ontvouwt zich een panoramisch uitzicht op de silhouetten van de historische binnenstad. Het is een plek waar film en stad samenkomen.
In slechts enkele minuten steek je met een pontje aan de achterkant van Amsterdam Centraal het IJ over. Het is de makkelijkste, maar ook de leukste manier om bij Eye te komen. Terwijl de boot het water doorklieft, groeit het iconische gebouw langzaam – het wordt steeds groter en imposanter. Eenmaal aan wal, voert een korte wandeling je naar de trappen richting de entree. Daar helt het gebouw boven je uit, alsof het je wil opslokken. Die bijzondere sensatie staat haaks op de openheid die je precies aan de andere kant van het gebouw, aan de waterkant, ervaart. Die dubbele beleving past bij de missie van Eye: enerzijds naar binnen kijken, naar de museumcollectie vol filmverleden, anderzijds naar buiten, naar de wereld van nu en toekomst van film.

Van Vondelpark naar noordoever
Sinds 2012 kun je het gebouw van Eye aan de noordelijke IJ-oever vinden. Het filmmuseum bestaat, ondanks meerdere fusies en naamsveranderingen, in feite al bijna tachtig jaar en had eerder haar onderkomen in het Stedelijk Museum en daarna het Vondelparkpaviljoen. Het moderne ontwerp is van Roman Delugan van het Oostenrijkse bureau Delugan Meissl Associated Architects | DMAA, dat eerder de spectaculaire nieuwbouw ontwierp voor het Porsche Museum in Stuttgart en de FH Campus in Wenen. Hij schetste een gebouw dat nu onderdak biedt aan vier filmzalen, een state-of-the-art tentoonstellingsruimte, zalen voor verhuur en workshops, een museumwinkel en ruimte voor filmapparaten en de digitale collectiepresentatie, plus een bar-restaurant met weids uitzicht op het IJ. Het gelaagde gebouw heeft Delugan bedekt met een wit schild van hoekige, in elkaar grijpende vormen waarop het licht gedurende de dag steeds anders reflecteert.
50.000 films
Van tien uur ’s ochtends tot middernacht kun je bij Eye films kijken, van klassiekers en hedendaagse kaskrakers tot experimentele arthousfilms en kindervoorstellingen. Het filmprogramma haakt regelmatig in op actuele thema’s, maar verrijkt ook je kennis van de filmgeschiedenis. Al kun je daarvoor ook terecht in de permanente tentoonstellingen, die laten zien wat het filmmuseum allemaal beheert en behelst; in de collectie zitten zo’n 50.000 films (waarvan de oudste uit 1896 dateert), 90.000 affiches, 750.000 foto’s en 32.000 filmboeken en -tijdschriften. Het meest intrigerend zijn misschien wel de tijdelijke tentoonstellingen, waarin Eye zich meer van haar experimentele kant laat zien. Denk aan eerdere exposities rond toonaangevende filmmakers zoals Chantal Akerman, Andrei Tarkovsky en Alex van Warmerdam. Dit najaar komt Tilda Swinton naar Eye – dat staat zeker vet omcirkeld in mijn agenda. De iconische Britse actrice brengt een immersieve tentoonstelling waarin zij haar creatieve autobiografie ontvouwt aan de hand van haar belangrijkste artistieke samenwerkingen. Alleen daarvoor al neem ik met plezier het pontje – al is het maar om de stad even achter me te laten en te genieten van het uitzicht op de stad en de bewegende beelden van film.

