MASTERS STORIES

Iconische gebouwen: het smoel van de stad

Amsterdam is een stad met een gezicht, en dat gezicht wordt gevormd door haar iconische gebouwen. Elk pand vertelt een verhaal, doordrenkt van geschiedenis, cultuur, innovatie of bravoure. Van het majestueuze Carré tot het futuristische infinity: dit artikel neemt je mee langs enkele markante gebouwen die mede het stadsbeeld bepalen. Ontdek hun oorsprong, architectuur en de persoonlijke plekken waar directeuren en betrokkenen hun meest betekenisvolle momenten beleven.

1. Koninklijk Theater Carré

De geschiedenis van Koninklijk Theater Carré begint in 1830 in Rotterdam. De arme alleenstaande Adriana de Gast geeft haar zesjarige dochtertje Cornelia mee aan de directeur van een rondreizend circus, die belooft haar een goede opvoeding te geven. Het meisje ontwikkelt zich tot een van de beste circusamazones van Europa. Op achttienjarige leeftijd trouwt ze met de Pruisische paardenfluisteraar Wilhelm Carré. Ze krijgen twee zoons, Oscar en Adolf, met wie ze in de loop der tijd een eigen rondreizend circus vormen. Circus Carré heeft een grandeur die men in Nederland niet kent. Het bevalt de familie goed in Amsterdam: ze betrekken een woonhuis aan de Middenlaan (huidig nummer 112). In 1868 neemt Oscar het stokje over van zijn vader. Het steeds weer opbouwen en afbreken van de houten tent kost te veel moeite en geld. In 1879 weet Oscar een stukje grond te bemachtigen aan de Binnen-Amstel, waar hij een houten gebouw met stenen voorgevel laat bouwen. Op 10 januari 1880 is de openingsvoorstelling. Drommen bezoekers genieten van de paardenkunsten, jongleeracts en een stoet van exotische dieren, die logeren in het nabijgelegen Artis. Oscar onderhandelt al enige tijd met de gemeente over de bouw van een nieuwbouwpand, echter zonder succes. Wanneer bij een brand in een houten theater in Wenen ruim 400 bezoekers om het leven komen, gaat de gemeente overstag. De ‘Steenen Circus van Carré’ wordt op 3 december 1887 geopend. De Nieuwe Rotterdamsche Courant schrijft daarover: ‘Het is een paleis, dat u door zijne afmetingen niet alleen, maar door zijne inrichting aan iets vorstelijks doet denken. Breede toegangen, gemakkelijke trappen, fraaie koffiekamers en foyers – en dan de hoofdzaak: eene kleurrijk gedecoreerde zaal, imposant door hare wijdte en hoogte.’ Vanaf 1893 wordt het theater ook voor theaterproducties gebruikt. Fraaie details zijn de Logefoyer, waar de familie Carré deels woonde, en Het Brandscherm van Siet Zuyderland: het grootste schilderij van Nederland dat uit één stuk bestaat. Bij het eeuwfeest in 1987 wordt de musical Cats naar Carré gehaald. Het enorme succes luidt het begin in van een bloeitijd voor de musical in Nederland. De toekenning van het predicaat Koninklijk vormt de kroon op het eeuwfeest.

Bij welke plek in Carré heeft Algemeen Directeur Madeleine van der Zwaan een bijzonder gevoel? “De paar stappen tussen kleedkamer 3, de sterrenkleedkamer, en het toneel. Het magische moment net voor of na de voorstelling”

Foto: Marcel Rob Fotografie

2. Het Scheepvaartmuseum

Het Scheepvaartmuseum is gevestigd in het voormalige ’s Lands Zeemagazijn, dat in 1656 is ontworpen door Daniel Stalpaert als magazijn voor de Admiraliteit van Amsterdam. In die tijd was Amsterdam de grootste haven ter wereld. Marineschepen kwamen langszij en werden bevoorraad met zeilen, kanonskogels en water. Regenwater werd op de binnenplaats opgevangen en sijpelde door de vloer naar grote tonnen, die – als ze vol waren (er was capaciteit voor 40.000 liter regenwater) – aan boord werden gezet. In 1972 begint het gebouw aan een nieuw leven als ‘pakhuis’ voor topstukken van Het Scheepvaartmuseum. In 2007 wordt flink gerenoveerd. Kosten, inclusief herinrichting: ruim 75 miljoen euro. Hoogtepunt is de overkapping van de binnenplaats, die bestaat uit 1.200 stukken glas in een metalen frame. Totaal is 40.000 kilogram glas en 160.000 kilogram staal gebruikt, wat het dak 33 olifanten zwaar maakt. Het ontwerp is geïnspireerd op de kompaslijnen van oude zeekaarten. Met meer dan 400.000 objecten bevat het Scheepvaartmuseum de op een na grootste maritieme collectie ter wereld. Een van de hoogtepunten is een replica op ware grootte van het VOC-schip Amsterdam, dat in 1749 op zijn eerste reis naar Batavia verging.

Bij welke plek in Het Scheepvaartmuseum heeft Algemeen Directeur Michael Huijser een bijzonder gevoel? “Als ik op het Open Plein kijk naar ons glazen dak, dat geïnspireerd is op oude zeekaarten, kan ik mij verliezen in de oneindigheid van de sterren”

3. Rijksmuseum

Het museum heeft zijn oorsprong in Den Haag, waar de kunstverzameling die de stadhouderlijke familie door de eeuwen had opgebouwd in 1800 wordt ondergebracht als Nationale Konst-Gallery in Huis ten Bosch. Wanneer Lodewijk Napoleon in 1806 de troon bestijgt, geeft hij opdracht de collectie naar Amsterdam te verhuizen, waar het wordt ondergebracht op de bovenverdieping van het Paleis op de Dam. In 1817 verhuist de collectie van het Rijks Museum, zoals het inmiddels na de troonsbestijging van Willem I heet, naar het Trippenhuis, een 17e-eeuws stadspaleis aan de Kloveniersburgwal. Overal in Europa worden mooie musea gebouwd, ook Nederland verdient een echt nationaal museumgebouw. Dit resulteert in het Rijksmuseum, een ontwerp van architect Pierre Cuypers (naar wie de passage die dwars door het museum loopt is vernoemd). In 1885 wordt het officieel geopend. In de loop der jaren wordt het gebouw vele malen verbouwd. Mede door de toenemende bezoekersaantallen voldoet het museum niet meer aan de behoeften van een internationaal leidend museum. In 2003 wordt gestart met een grote, ruim negen jaar durende verbouwing. De kosten bedragen 375 miljoen euro. Veel oorspronkelijke elementen uit de tijd van Cuypers worden in oude staat hersteld of gereconstrueerd, waardoor het gebouw veel van zijn oude glorie terugkrijgt. Tijdens de renovaties wordt een verborgen tijdcapsule ontdekt in een van de muren, die documenten en voorwerpen uit het einde van de 19e eeuw bevat. De collectie van het Rijksmuseum bestaat uit ruim een miljoen voorwerpen, maar slechts 8.000 daarvan worden tentoongesteld, minder dan 1 procent van de totale collectie. De in 2023 gehouden tentoonstelling Vermeer is met meer dan 650.000 bezoekers de best bezochte expositie van dit museum. Op de openingsdag zijn al meer dan 200.000 tickets verkocht.

Bij welke plek in het Rijksmuseum heeft Hoofddirecteur Taco Dibbits een bijzonder gevoel? “In zaal 2.24, omdat daar momenteel Een takje kruisbessen op een stenen plint en Drie perziken op een stenen plint zijn van Adriaen Coorte te zien zijn. In deze schilderijtjes legde hij op indrukwekkende wijze de schoonheid van de natuur vast. Aardbeien, abrikozen, asperges, kruisbessen en perziken: zijn zeventiende-eeuwse stillevens zijn niet heel bekend, maar van een ongelooflijke schoonheid”

4. Eye Filmmuseum

Als een glanzend baken ligt het museumgebouw van Eye aan de noordelijke IJ-oever. Het Weense bureau Delugan Meissl Associated Architects (DMAA) heeft het ontworpen als een grillig kristal, waarvan de gefacetteerde vorm het licht gedurende de dag steeds anders reflecteert. Het ontwerp is een eerbetoon aan de film zelf. Een spel van licht en donker, ontworpen op de kracht van het beeld. Eens gezien, altijd op het netvlies. De lijnen zijn recht, maar de hoeken zelden 90 graden. Dat geeft de wanden, vloeren en plafonds dynamiek: een suggestie van beweging. DMAA heeft de cinematografische ervaring in de architectuur tot uitdrukking gebracht. De architecten hebben het gebouw opgevat als een reeks scènes in een film: van ruimte naar ruimte verandert de beleving. De Arena in het hart van het gebouw maakt Eye tot meer dan een museum. Hier bevindt zich het café-restaurant met terras en panoramisch zicht over het IJ. Aan de andere zijde van de ruimte lopen trappen omhoog. Ze vormen een tribune, waarop je kunt zitten met zicht op de glazen gevel, als een filmdoek waarop het verhaal van het IJ en de stad zich afspeelt.  “We hopen niet op een wonder, we zetten er een neer”, waren de woorden van toenmalig Eye-directeur Sandra den Hamer drie maanden voor de opening in 2012.

Bij welke plek in EYE Filmmuseum heeft Directeur Collectie & Kennisdeling Maral Mohsenin een bijzonder gevoel?
“De trap in het museumgebouw is waar ik me het meest speciaal voel, dankzij het uitzicht – niet alleen op de bar, waar bezoekers ontspannen voor of na het verkennen van EYE, maar ook op de majestueuze IJ-rivier op de achtergrond en de veerboten die Noord met de rest van Amsterdam verbinden. Het voelt als een film die zich in real time voor onze ogen ontvouwt. Dit glorieuze maar gezellige perspectief belichaamt perfect hoe EYE ernaar streeft mensen samen te brengen door cultuur en emotie”

Amsterdam, 9 September 2023, Eye Filmmuseum. Foto: Corinne de Korver

5. Valley

Drie torens met spectaculair uitkragende appartementen aan de Zuidas vormen tezamen de met planten bedekte Valley, waarin ook kantoren, winkels, horeca en culturele voorzieningen zijn gehuisvest. Daaronder, op 104 meter hoogte, restaurant TWENTYSIX met skybar, waar je kunt genieten van de heerlijkste gerechten en een overdonderend 360° uitzicht over de Zuidas. En ook de exclusieve herenclub DOMÍN, waar het topsegment in sport, entertainment en bedrijfsleven luxueus wordt bediend. Vanaf de achtste verdieping beginnen de woonlagen. In totaal omvat Valley 198 woningen. In één daarvan woont voormalig advocaat Oscar Hammerstein: hij noemt zijn locatie een adelaarsrots’, met perfect zicht op de stad. Het ontwerp van Winy Maas van MVRDV heeft verschillende gezichten: aan de buitenkant een schil van glad spiegelend glas, die past in de context van de zakenwereld van de Zuidas. Binnen heeft het gebouw een veel zachtere natuurlijke kant vol natuursteen (40.000 Catalaanse tegels!) en groen. Het ontwerp voor al het groen – ruim 200 bomen en struiken en circa 13.000 planten – is van Piet Oudolf. In Valley komen de nieuwste inzichten op het gebied van duurzaamheid, technologie en gezondheid samen. Het heeft een BREEAM-NL Excellent-certificaat gekregen voor de commerciële ruimtes en het woongedeelte scoorde een 8 op 10 op de GPR Gebouwenschaal, een Nederlands meetinstrument dat gebouwen scoort op vijf thema’s: energie, milieu, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde.

6. Pontsteiger

Een iconisch woongebouw aan het IJ, dat is de ambitie van de gemeente wanneer zij de opdracht uitschrijft voor de plek van de pontsteiger in het IJ die sinds de jaren vijftig dienstdoet als vertrekpunt van het veer tussen Amsterdam en Noord-Holland. Hier moet een landmark verrijzen voor de nieuwe wijk Houthaven. Arons en Gelauff architecten slepen de opdracht binnen en voegen enkele ambities toe. Zo willen ze dat Pontsteiger, zoals ze hun voorstel noemen, niet aan, maar ín het water komt te liggen en zo optimaal contact met het IJ maakt. Voor de gevels wordt in samenwerking met Koninklijke Tichelaar uit Makkum een speciaal glazuur ontwikkeld, waardoor er zes verschillende tinten steen in het gebouw voorkomen. Het gebouw kleurt mee met het weer: licht als de wolken grijs zijn, goud gloeiend bij een heldere zonsondergang. Dichterbij vallen de groene kopertinten op die mooi kleuren bij het water van het IJ. Horecaondernemer Won Yip koopt in 2016 de complete bovenste verdieping. Hij betaalt zo’n 16 miljoen euro voor 1.440 vierkante meter, waarmee dit het duurste penthouse van Amsterdam wordt. Yip splitst het vervolgens op in drie delen: een kwart houdt hij zelf, een kwart gaat naar Messagebird-oprichter Adriaan Mol en de helft naar Daniel Grieder, bestuursvoorzitter van Tommy Hilfiger. Mol zet zijn woning direct te koop, zonder daar ooit in gewoond te hebben. Grieder splitst zijn deel ook op in tweeën en verkoopt de helft door aan Marcel Boekhoorn. Het tempo waarin de appartementen van de hand gaan, is duizelingwekkend, evenals de waardevermeerdering en opgestreken winst.

7. Infinity

Het voormalige ING House, ook wel bekend als Poenschoen, Klapschaats, Strijkijzer of Kruimeldief, wordt in opdracht van ING Groep ontworpen door architecten Roberto Meyer en Jeroen van Schooten. ING wil een gebouw dat openheid, transparantie en moderniteit uitstraalt. Dat krijgen ze: in de vorm van een futuristische glazen constructie, ondersteund door hoge stalen poten. Het ontwerp is kenmerkend voor een tijd waarin banken hun succes willen tonen door middel van indrukwekkende architectuur. Meyer merkt op dat “geld geen issue was” in die tijd. Hoewel de exacte bouwkosten nooit openbaar zijn gemaakt, wordt geschat dat het ongeveer 100 miljoen euro heeft gekost. Tijdens de opening van het nieuwe hoofdkantoor op 16 september 2002 heet bestuursvoorzitter Ewald Kist de aanwezigen, onder wie kroonprins Willem-Alexander, “welkom in het hol van de leeuw”. Dit blijkt letterlijk: in een videopresentatie brengt een echte leeuw, symbool van ING, een bezoek aan het gebouw, inclusief het dakterras en de vergaderzaal van de raad van bestuur. Bij de opnames zet de leeuw zijn tanden in een van de bestuurszetels, die nu als herinnering aan de opening wordt bewaard. Kist stond in zijn toespraakje nog even stil bij het bijzondere ontwerp van ING House. “We hebben per medewerker twintig vierkante meter glas gebruikt, omdat we glashelder willen zijn.” Twaalf jaar na de opening moest ING het gebouw alweer verlaten, gedwongen door de gevolgen van de wereldwijde financiële crisis. Tegenwoordig is het een bedrijfsverzamelgebouw.

And the Most Brilliant Player is… GASSAN zet uitblinkers in de spotlight
Met GASSAN als officiële celebration partner kreeg de KNVB Futsal Cup ook dit jaar een verfijnde glans. Tijdens The Finals in Rotterdam, speelde het Amsterdamse familiebedrijf een dubbele rol: als official timekeeper én als naamgever van de ‘Most Brilliant Player’-awards.
MASTERS Travel: Check in met Ivo Weyel
Twee dingen doet hij het liefst: reizen én zich in de watten laten leggen. Als geen ander weet Ivo waar je een kamer of suite moet boeken. Van een privé-eiland omringd door schildpadden tot tot afgelegen Vipp-guesthouses: dit zijn plekken waar luxe zich steeds subtieler verstopt.

Meer

And the Most Brilliant Player is… GASSAN zet uitblinkers in de spotlight
Met GASSAN als officiële celebration partner kreeg de KNVB Futsal Cup ook dit jaar een verfijnde glans. Tijdens The Finals in Rotterdam, speelde het Amsterdamse familiebedrijf een dubbele rol: als official timekeeper én als naamgever van de ‘Most Brilliant Player’-awards.
MASTERS Travel: Check in met Ivo Weyel
Twee dingen doet hij het liefst: reizen én zich in de watten laten leggen. Als geen ander weet Ivo waar je een kamer of suite moet boeken. Van een privé-eiland omringd door schildpadden tot tot afgelegen Vipp-guesthouses: dit zijn plekken waar luxe zich steeds subtieler verstopt.
Henri Tibosch van B&O over wat je wél (en juist niet) wil horen deze zomer
In aanloop naar MASTERS SUMMER EXPO spreekt MASTERS met bijzondere exposanten die deze zomer van 11 tot en met 14 juni samenkomen in Nistelrode. Deze week: Henri Tibosch van Bang & Olufsen Tibosch, het Brabantse familiebedrijf. Hij vertelt waarom gebruiksgemak de nieuwe standaard is, personalisatie belangrijker wordt en technologie deze zomer vooral níét mag opvallen.
Deze fles wijn brak alle records
Sommige flessen bewaar je voor een bijzonder moment. Andere verdwijnen linea recta in een kluis met klimaatregeling en een indrukwekkend prijskaartje. In New York werd onlangs zo’n fles geveild die eerder in de categorie ‘mythe’ thuishoorde dan in een wijnrek.
Hoog tafelen is dé tuintrend van dit moment
De zon laat zich weer zien, agenda’s vullen zich spontaan met borrels en lange avonden en ineens kijk je nét iets kritischer naar je tuin. Kan dat niet wat stijlvoller? Goed nieuws: dit zijn de trends die je tuin dit seizoen precies de juiste uitstraling geven.
Coachella 2026: wat kost een weekend festivalwalhalla in woestijn?
Aanstaand weekend staat je Instagram-feed waarschijnlijk op het punt volledig overgenomen te worden. Het eerste weekend van ’s werelds meest besproken festival, Coachella, staat voor de deur. Maar hoeveel betaal je anno 2026 eigenlijk voor zo’n weekendje woestijn en muziek?