De Defender is de oer-Land Rover. Met de OCTA voegt het merk nu de ultieme versie toe, waarmee het vizier rechtstreeks op de Mercedes-AMG G63 gericht is. We togen naar de Belgische Ardennen om te onderzoeken hoe goed de OCTA gelukt is.
Sommigen kennen Wout Bru inmiddels vooral als de man van Real Housewives of Antwerp-deelneemster Natassia van Kerkvoorde, maar in België staat Bru vooral bekend als gevierde chef. Hij is chef bij hotel Sanglier des Ardennes, waar hij inmiddels vier restaurants onder zijn hoede heeft. Het is in dit hotel waar we neerstrijken voor een bezoek aan het Defender House, dat tijdelijk is ingericht in de Ardennen. Op die plek maken we kennis met de lifestyle van Defender-klanten: gin van Copperhead, barbecues van Big Green Egg en de kaarsen van Mon Dada, om eens iets te noemen. De beroemdste chocolatier van België was van de partij, Dominique Persoone, al introduceerde Defender hem als ‘smaakacrobaat’. En de lunch? Die werd dus geserveerd door sterrenchef Wout Bru. Bovendien – het blijft een Engels merk – was er een theesommelier aanwezig. Toch hadden wij een heel andere reden om neer te strijken in de Ardennen. In de eerste plaats wilden we weleens weten hoe de Defender 110 het in de Ardennen zou doen. We waren met een (inmiddels niet meer leverbare) P400e vanuit Utrecht afgedaald naar het zuiden. Toch waren we vooral benieuwd naar een andere Defender: de OCTA, waarvan de naam overigens verwijst naar een diamant.
Battle scars
Laten we eerst in de geschiedenis van Defender duiken. Bij het zien van de auto’s op de foto is de eerste gedachte die opkomt: ‘Ah, een Land Rover!’ Toch is dat maar ten dele waar. Moederbedrijf JLR wil namelijk een house of brands zijn en daarom moeten Defender, Discovery en Range Rover uitgroeien tot zelfstandige merken (waar overigens nog wel een Land Rover-logo op te vinden is). Dat neemt natuurlijk niet weg dat de stamboom van de Defender wel degelijk bij Land Rover begint. Vanaf de kakelverse OCTA loopt de lijn zelfs rechtstreeks door naar de allereerste Land Rover, die in 1948 op de AutoRAI debuteerde. Dat model werd achteraf Series I genoemd. In 1984 volgde een nieuwe generatie, die de Series III opvolgde. Met die modelwisseling verscheen voor het eerst de naam Defender op de auto. In 2016 ging die oorspronkelijke Defender uit productie, waarna Land Rover in 2019 voor het eerst de huidige generatie toonde. De levering ervan begon in 2020, waarmee het model nu ruim vijf jaar oud is. En vijf jaar is in Land Rover-termen nog zo goed als nieuw: het vorige model hield het immers bijna zeven decennia vol met slechts minimale wijzigingen.
In vergelijking met de vorige generatie oogt de huidige minder utilitair, je bedenkt je wel twee keer om met je modderige rubberlaarzen achter het stuur te klimmen. Bij deze Defender ben je net als bij nagenoeg iedere andere auto bang voor een krasje op de lak of vlekken in de bekleding, terwijl zulke battle scars bij de oude alleen maar aantoonden dat jij je auto tenminste wist te gebruiken. Toch ziet Land Rover de huidige Defender wel degelijk als een ‘werkauto’. Daarom is de binnenzijde van de deuren bijvoorbeeld bekleed met materiaal dat tegen een stootje kan. Maar ja, dat is in het dagelijks leven niet minder praktisch. Vandaar dat bijvoorbeeld Top Gear de Defender direct na zijn komst uitriep tot Auto van het Jaar. En hij slaat aan bij het publiek: toen we recent een bezoekje brachten aan Het Arsenaal in Naarden-Vesting, stonden daar vijf Defenders op de parkeerplaats, terwijl dit eerder toch het exclusieve domein van de Range Rover was.
Klaar voor Dakar
Misschien wel daarom vond het merk dat er ruimte was voor een topmodel. Die OCTA telt als de ultieme Defender. Hij is voorzien van een 635 pk sterke V8, vijftig pk sterker dan zijn voornaamste concurrent, de Mercedes-AMG G 63. Die G 63 is eigenlijk een auto die in ieder opzicht minder goed is dan de reguliere G-Klasse: minder comfortabel, minder stijlvol en minder terreinvaardig. Maar toch is het de G die iedereen wil. Logisch dat Defender daar een concurrent tegenover zet. Het leuke is dat je bij Defender kunt kiezen: je kunt opteren voor een OCTA met 22 inch wielen die voor het asfalt bedoeld zijn, maar je kunt ook kiezen voor 20 inch wielen met offroadbanden. Met die laatste wielen is de OCTA in het terrein juist vaardiger dan zijn mindere broers, aldus de fabrikant. Om dat te bewijzen doet de OCTA vanaf volgend jaar mee aan de loodzware Dakar-rally én aan het FIA World Rally-Raid Championship. Dat kampioenschap bestaat naast de Dakar uit rally’s in Portugal, Argentinië, Marokko en de Abu Dhabi. Die terreinvaardigheid is een groot verschil met zijn concurrent: de G-Klasse is als AMG juist meer gericht op verharde wegen. Daar is niks mis mee, maar als je bedenkt dat de G van G-Klasse staat voor Geländewagen is het toch opmerkelijk. Dat maakt het dan weer jammer dat we in de Ardennen alleen offroad mochten met de andere aanwezige Defenders – de OCTA was daar nog te vers voor. De reguliere Defenders bewezen echter met overtuiging dat ze nog steeds hun mannetje staan in het terrein.
‘‘Dit is die ene auto die alles lijkt te kunnen, je Zwitsers zakmes op wielen. Zijn prestaties op de weg zijn ongelooflijk indrukwekkend. En als de weg ophoudt? Dan kun je gewoon door”
Krachtpatser
Eerlijk gezegd heb ik nooit begrepen wat mensen in de stad met een grote SUV moesten. Totdat ik vijf jaar geleden voor het eerst met de nieuwe Defender reed, toevallig ook voor MASTERS. We wilden de auto voor de RAI fotograferen, omdat daar de eerste Land Rover in 1948 zijn wereldpremière beleefde. Toen er niemand was om de slagboom open te doen, reden we gewoon via de trap naar het tentoonstellingsgebouw. Stoepranden? Geen probleem. Tramrails? Leken niet te bestaan. Voor de OCTA gaat dit alles ook op, maar hij kan meer. Hij verhoudt zich tot de reguliere Defender als een BMW M5 tot een normale 5 Serie en als een Porsche 911 GT3 tot een 911 Carrera. Hoe de makers dat hebben aangepakt? Ze hebben zich er niet gemakkelijk van af gemaakt. Om te beginnen is er onder de lange motorkap een 4,4 liter V8 met twee turbo’s gemonteerd, die goed is voor 635 pk en 750 Nm. Daarnaast is het onderstel aangepakt. Zo nam de spoorbreedte met 68 millimeter toe en werd ook de bodemspeling met 28 millimeter vergroot. Het onderstel is het pièce de résistance. De OCTA heeft luchtvering in combinatie met hydraulische schokdempers, die kruislings aan elkaar gekoppeld zijn. Om te zorgen dat de carrosserie niet te veel beweegt, heeft Land Rover een systeem ontwikkeld dat 6D Dynamics heet en dat ook gebruikt wordt in de Range Rover Sport. Bovendien stuurt hij directer dan de reguliere Defender, waardoor je ook in de stad gemakkelijker kunt manoeuvreren.
Zakmes
Een logische vraag bij deze auto luidt: waarom? Het antwoord is tamelijk eenvoudig, want de markt vraagt erom. Kijk maar naar het aantal G 63 AMG’s dat je tegenkomt, en dan is Nederland door de hoge aanschafbelasting nog een uitermate onaantrekkelijk land voor zulke voertuigen. Dat maakt de auto zelf geenszins minder aantrekkelijk overigens. Integendeel, want dit is die ene auto die alles lijkt te kunnen, je Zwitsers zakmes op wielen. Zijn prestaties op de weg zijn ongelooflijk indrukwekkend. En als de weg ophoudt? Dan kun je gewoon door. Hij weegt ruim 2.500 kilogram, maar weet dat gewicht goed te verhullen, onder meer door in vier seconden vanuit stilstand naar 100 te sprinten. Zijn enige probleem is dat nog niet genoeg mensen hem kennen. Daarom moet hij het misschien (ook) hebben van mensen die na hun zoveelste G-Klasse of Range Rover eens iets anders willen. Te geef is hij bepaald niet, want hij kost je bijna drie ton (waarmee hij overigens minder kost dan zijn voornaamste concurrent). Maar we beloven: als je de OCTA eenmaal hebt ontdekt, vraag je je af waarmee je tot dat moment je tijd verdaan hebt.



